Dit jaar zijn we onder andere te vinden op het plein bij de James Cookstraat in de Baarsjes. Sommige bewoners komen spontaan aanwaaien met een hulpvraag, bij anderen bellen we aan. Op die manier ontmoeten we de goedlachse Martijn in zijn appartement op de bovenste verdieping. Het wordt warm in de woning waar hij samen met zijn gepensioneerde vader en zesjarige dochter woont. Heel warm. Maar de geboren en getogen Amsterdammer klaagt nauwelijks. Hij noemt de warmte ‘pittig’, terwijl hij in dezelfde zin uitlegt dat het binnen soms 41 °C wordt.
In de woonkamer van Martijn staat de dienstdoende airconditioner verstopt achter weelderige planten. ‘Die groeien hier wel’, lacht de ex-portier. Maar tussen de grapjes door – ‘je wordt ook nog heerlijk snel bruin op het balkon’ – klinkt een serieuzere noot. Ook toen de dochter van Martijn net geboren was, sloeg de hitte in huis om zich heen en moesten ze de woning regelmatig ontvluchten. ‘Nog steeds rennen we door het trappenhuis als we naar buiten gaan. Het wordt daar zo warm, je wilt er echt niet langer dan een paar seconden zijn’.